Cap Sizun: westelijke landtong in het zuiden van de Finistère

Laatst bijgewerkt op 12 april 2026

Cap Sizun is de westelijke landtong in het zuiden van de Finistère, het huidige arondissement Point-Croix (zie het kaartje op de startpagina). Het uiterste puntje is Pointe du Raz, het op één na uiterste puntje van Bretagne. Deze kaap is 72 meter hoog en steekt ver de zee in.
We verkennen Cap Sizun van oost naar west, van Point Croix naar Pointe du Raz.

Point Croix

Notre-Dame-de-Roscudon in Pont-Croix

Pont Croix is gebouwd tegen een heuvel van bijna 70 meter hoog op Cap Sizun. In de 19e eeuw werd het plaatsje vanwege haar middeleeuwse charme door kunstenaars ontdekt, zoals Henri Matisse.

Notre-Dame-de-Roscudon in Pont-Croix

“20120926 Bretagne PontCroix NotreDameDeRoscudon DSC08136 PtrQs” by PtrQs is licensed under CC BY-SA 4.0.

De grootste bezienswaardigheid in het centrum is de 13e-eeuwse kerk Notre-Dame-de-Roscudon, met een 67 meter hoge torenspits. Bijzonder zijn de drie gotische puntgevels aan de zuidelijke ingang, waarin met verfijnd metselwerk klavertjes vier zijn vormgegeven. Binnen zijn vooral bezienswaardig de altaarstukken, de preekstoel met vier panelen waarop het leven van de Maagd Maria is afgebeeld, de glas-in-lood ramen en de gewelfde houten plafonds met bloemmotieven.

Volg vanaf het marktplein, Grand Place du Marché in het centrum de schilderachtige Rue Grand Chère. Deels via brede traptreden over de kasseien, langs granieten huizen en terrastuinen voert deze straat naar de oever van de Le Goyen-rivier beneden.
Er is een parkeerterrein in de Rue de la Métairie, vlakbij de Ecole Henri Matisse. Vanaf de parkeerplaats gaat u rechts via de Rue de la Métairie richting de Notre-Dame-de-Roscudon. De kerk is dagelijks open van 9:00 tot 17:00u.

Audierne

Chapelle Sainte-Evette

Deze kerk ligt ten oosten van Esquibien (opgegaan in Audierne in 2016) aan de zee. Zij is gewijd aan Sainte Evette (ook wel Edwette of Thévet). Sainte Evette is de beschermvrouwe van de vissers van de baai van Audierne. De plaats waar de kerk is gebouwd, heet Porz-Landrévet.
Volgens de legende kwam de heilige in de 4e eeuw samen met haar broer Sint Demet per boot in Plozévet aan (als metgezel van Sint Ursula?). Ze heeft alleen op de plaats van de huidige kerk gewoond en is hier in 383 overleden.

La Chapelle Sainte-Evette, d'Esquibien

La Chapelle Sainte-Evette, d’Esquibien door TheShield74

Het huidige gebouw dateert uit 1743, toen de kerk volledig werd herbouwd omdat de oude kerk dreigde in te storten. Wanneer de oorspronkelijke kerk werd gebouwd is niet bekend. Waarschijnlijk was het een kerk gewijd aan Sint Demet, de broer dus.

Een inscriptie op de westgevel ‘Jean Cosquer Fab. 1770’ verwijst naar de restauratie van de gevel en de klokkentoren. Tegenwoordig wordt de kerk en de omgeving zeer goed onderhouden door de vereniging, die ook zorgt voor de jaarlijkse pardon en in de zomer een tentoonstelling organiseert.

De kerk is een rechthoekig gebouw met een veelhoekige koorafsluiting. Het altaar, waarop het jaartal 1775 stond, is verdwenen. Op het retabel is een schilderij op doek te zien van de kroning van Sint Edwette: ze draagt ​​een kroon op haar hoofd en twee in haar handen. Vandaar de benaming “heilige met de drie kronen”.
Er zijn nog een paar oude veelkleurige houten beelden: Christus aan het kruis en Sint Edwette met drie kronen.
In de westgevel is  een klassieke halfronde deur met daarboven een oculus. Ernaast, tussen de bloemperken, staat een kleine vierkantige Gallische met daarop twee kruisen en een beker.

Calvaire, bron en menhir
Er zijn een bron, opgedragen aan de heilige, in het voormalige dorpscentrum zo’n 200 meter ten noordwesten. Dicht bij de kerk zou ook een calvaire staan.

Op het strand dichtbij ligt mogelijk een verweerde menhir van 5 meter lang.

Legende van Sainte-Evette, de heilige met de drie kronen

Sainte-Edwette (Sainte-Évette) d’Esquibien door Moreau.henri

Sint-Evette leefde aan de kust tussen de heidenen. Dat was geen probleem, want ze werd daar met rust gelaten. Om te bidden trok ze zich terug landinwaarts. Maar de bewoners daar waren minder tolerant. Toen zij haar een kruisteken zagen maken, beschuldigden zij haar van hekserij en joegen haar op met hun ijzeren rieken. Die rieken gebruikten ze normaal om heide als brandstof in de broodovens te krijgen.
Maar de Heer kwam haar te hulp, want op een nacht waren alle ijzeren rieken verdwenen. Ze konden toen alleen nog maar houten rieken gebruiken. De bewoners worden sinds die tijd ‘Paotred Esquevien’ of ‘Esquevienis’ genoemd, Dat betekent ‘mensen met houten gereedschap’. Het is afgeleid van het woord ‘Escop’ of ‘Esqueb’: schop, vork of houten instrument.
Volgens anderen komt de naam van Esquibien van het Bretonse ‘eskibien’ (bisschop).

Chapelle Sainte-Edwette (Sainte-Évette) d'Esquibien ː statue de sainte Évette

Primelin

Chapelle de Saint-Tugen

De meest westelijke en op één na de meest zuidelijke enclos paroissial is die van Saint-Tugen.
Sint Tugen (Tujan, Tujanus) leefde in de 5e eeuw. Hij was rector van de parochie van Brasparts, waarvan hij de beschermheilige is, en werd de tweede abt van Daoulas. Hij wordt afgebeeld als een abt met mijter, die de kromstaf van de abdij vasthoudt.
Men kon zich zo’n enclos hier permitteren, want in de 16e en 17e eeuw was er grote welvaart in deze streek van Primelin. Deze welvaart was te danken aan de visserij, het drogen van zeewier en de scheepvaart.

De eerste vermelding van het bestaan ​​van een kapel van Saint Tujan dateert uit 1118. De bouw van de huidige kerk begon in 1535 en werd voltooid in 1773. Het oorspronkelijke plan met drie beuken en een vlakke koorafsluiting werd in de loop der eeuwen uitgebreid: de toren werd gebouwd van 1579 tot 1581. Het noordwestelijke dwarsschip, de dubbele arcade en de noordelijke kapel werden in 1611 toegevoegd, de sacristie in 1721 en ten slotte het dwarsschip dat tussen 1749 en 1773 werd herbouwd. Wat vooral opvalt, is de massieve vierkante toren. Tot aan het kruis bovenop is hij 28 meter hoog. Het is een kopie van de toren van de kathedraal van Quimper.

We zien in deze enclos de bekende elementen terug:

  • Triomfboogpoort. Er is een vrij eenvoudige triomfboogpoort aan de zuidkant in de vorm van een spitsboog. Bovenop staat een beeld van Christus in ketenen.
  • Calvaire. De calvaire werd rond 1794 verwoest. De sokkel is opnieuw gebruikt en vijf oude beelden staan nu aan de voet van het nieuwe kruis uit 1821. Herkenbaar zijn  Sint Tugen of een Sint-Pieter met een sleutel, Maria Magdalena met haar oliepot en in het midden, aan de oostkant, een Maagd van Barmhartigheid.
  • Ossuarium. Tot 1862, toen het werd afgebroken, was er ook een ossuarium.
  • De kerk

De portalen
Het  westelijke portaal is versierd met vier prachtige kersantonbeelden die de evangelisten en hun symbolen voorstellen. Tijden de revolutie werd het hoofd van Mattheus er af geslagen, maar is vervangen. Ook de os van Lukas werd beschadigd. Boven Johannes zien we Maria Magdalena met haar olieflesje en een heraldisch beest.

Calvaire, porche sud et tour-clocher de la chapelle Saint-Tugen en Primelin door GO69

Het zuidelijke portaal en portiek valt op door de evenwichtige verhoudingen en de prachtig gebeeldhouwde details. Op het fronton van het portaal staat Saint-Tugen tussen de apostelen Matthias en Mattheus. Op het gewelf in het portiek zijn resten van verf te zien met de monogrammen van Christus en Maria. Bovenin zien we drie oude beelden in fijn, licht kersanton, die uit de 16de eeuw stammen: de Verlosser, Sint Anna en de Maagd Maria. In de nissen in de zijmuren staan de beelden van de twaalf apostelen in zwart kersanton.
Opmerkelijk genoeg hebben alle twaalf apostelen een boek bij zich: zij zijn de leraren van de kerk. Bijna allemaal werden ze onthoofd tijdens de Revolutie. In 1852 werden de hoofden vervangen en de beelden opnieuw gezegend.

Calvaire, porche sud et tour-clocher de la chapelle Saint-Tugen en Primelin

Westelijke gevel
Aan westelijke façade zien we op de vier steunberen die de toren ondersteunen, vier nissen met de evangelisten. De hoofden zijn trouwens in 1996 opnieuw toegevoegd, nadat ze al lang verdwenen waren.

  • Mattheüs heeft een menselijke figuur voor zich.
  • Markus heeft als symbool een leeuw.
  • Het symbool van Lucas is de os.
  • Het symbool van Johannes is de adelaar.

Interieur
Binnen in de kerk zijn een aantal bijzonderheden te vinden naast het vele beeldhouwwerk, houtsnijwerk en de altaren.

  • Aan de linkerkant van het altaar, in het verlengde van het noordelijke zijschip, is een ruimte die de gevangenis van Saint-Tujan wordt genoemd. Het licht komt er alleen binnen via een kleine opening met ijzeren staven. Deze gevangenis werd gebruikt voor dronkaards of andere lastige personen die de orde verstoorden.
  • In de sacristie grenzend aan het zuidelijke dwarsschip zijn prachtige eikenhouten panelen uit de 16de eeuw te zien. Op één ervan staat een karveel en daaronder een klein bootje met drie mannen aan boord. Ook in de sacristie zien we een houten zon van 20cm in diameter, omgeven door vijf cherubijnen met in het midden een driehoek met het opschrift: IABY (Jahweh, de God van Israël). Bovenin de sacristie is een eeuwenoud beeldje van de Maagd Maria te zien, dat op een vierkante basis rust. Dit beeldje wordt op de Grote Pardon in de processie meegedragen.
  • Boven de spitsboog van het zuidelijke transept bevindt zich een schilderij op hout dat de Heilige Familie voorstelt: Jezus, Maria, Jozef. Achter deze figuren is een buste van een man met een baard te zien. Wie is dit? Misschien is Adam de vertegenwoordiger van het Oude Testament.
  • De katafalk is uit 1642. Het staat op bokjes met spijlen en een scharnierend deksel in de vorm van een vierkant zadeldak. Op het deksel zijn in rood en wit de Dood met zijn zeis en een onbekend voorwerp geschilderd. Op een van de cartridges staat: ‘Qui speculum cernis / Cur non mortalia spernis: Tali namque domo / Clauditur omnis homo’ (Bij het zien van deze spiegel / Waarom zou je vergankelijke dingen niet verachten? / Want het is in zo’n woning / dat iedere sterveling opgesloten zit). Aan de korte zijden zijn twee beelden op dwarsbalken bevestigd. Ze stellen Adam en Eva voor, met hun armen uitgestrekt als een kruis, en ze houden kandelaars vast in hun vuisten.
  • De preekstoel is van eikenhout, dateert uit 1766 en wordt bekroond door een engel die op een trompet blaast, wat doet denken aan die van de profeet Jesaja: “Juich zonder ophouden, laat je stem klinken als een trompet” (hoofdstuk 58, 1) of “de laatste trompet” van Sint Paulus, die van de opstanding die “alle doden uit hun graven zal halen” (1 Korintiërs 15). In zijn linkerhand houdt hij een palm, symbool van de overwinning op het kwaad. Aan de overkant, aan de muur van het zijschip, is een groot kruisbeeld geplaatst als eerbetoon aan de Engel van de Apocalyps.
  • De processiebeelden: vier kleine beelden, gemaakt tussen de 17e en de 20e eeuw, staan ​​op palen en begeleiden de processie tijdens de gratie. Noordwestelijke hoek, tweede kwart van de 17e eeuw: Sint Tugen (17e eeuw), Sint Primel en Sint Theodorus (20e eeuw), Sint Chrisante, noordwestelijke hoek.
  • De ex-voto’s: voor de secundaire altaren staan ​​twee scheepsvotiefgeschenken uit de 19e eeuw: rechts een linieschip ter ere van Sint Primel (begin 19e eeuw) en links het slagschip Bayard ter ere van Sint Tugen (eind 20e eeuw).
  • Goudsmeedwerk in een vitrine onder de erker aan de noordkant. worden zes stukken goudsmeedwerk tentoongesteld. Deze rijkdom getuigt van de vrijgevigheid van de bedevaartgangers of die van de parochianen, rijk geworden door de zeehandel. Tijdens de Revolutie zijn delen van deze schatten verdwenen of omgesmolten. De kelk (circa 1620) is een van de mooiste van Bretagne. Hij is gemaakt van verguld zilver. De  grote, veellobbige voet doet denken aan die van Saint-Jean-du-Doigt. De kelk heeft innovatieve Italiaanse versieringen van bladrozetten en fruitranken. Er zijn nissen, waarin de beeldjes van de twaalf apostelen passen. Dit meesterwerk is van de goudsmid François Lapous uit Morlaix..
Saint Tugen chapel of Primelin - scene of the Baptism of Jesus Christ

Chapelle Saint-Tugen de Primelin (Finistère, France) : paroi orientale, côté intérieur, de la clôture des fonts baptismaux – scène du Baptême du Christ door Fab5669

Openingstijden
De kerk is geopend van 1 juni tot 30 september van 14:30-18:30u.
De pardon van Saint-Tugen is op de derde zondag in juni.

Chapelle Saint-Théodore, près de Kerven

Ten oosten van het dorp Primelin, niet ver van het dorp Kerven, ligt de kapel Saint-Théodore op een heuvel met uitzicht op de baai van Cabestan.Sint Theodorus was een Romeinse legionair die in de 4e eeuw de marteldood stierf.

Chapelle St Théodore à Primelin door Naden

De kapel werd gebouwd in 1672, zoals blijkt uit het opschrift boven de zuidelijke deur. Hetzelfde jaartal is te vinden op een balk aan de binnenkant. Ze werd eind 19e eeuw gerestaureerd door Monseigneur Théodore Lamarche, bisschop van Quimper-Léon en verkeert vandaag de dag in zeer goede staat.

Chapelle St Théodore à Primelin

In het kadaster van 1837 staat dat er naast de kapel een monumentaal kruis en een geïsoleerde molen zijn. Alleen het kruis staat er nog. De molen is nog wel zichtbaar op luchtfoto’s uit 1950, maar is inmiddels verdwenen. In de nieuwe, herziene en uitgebreide editie van het historisch-geografisch woordenboek van Jean Ogée uit 1843, vermelden de auteurs een “opmerkelijk monument” op in de buurt van de kapel: een “soort trog” die begraven ligt en bedekt is met een granieten plaat. Dit monument werd destijds het ‘altaar van Sint-Theodorus’ genoemd. Het is echter een kistgraf uit de bronstijd en is er ook nog steeds.

De pardon is dit jaar (2025) op 20 september.

La chapelle Ste Chrysante

Verreweg de meeste kerken in Bretagne zijn gewijd aan Keltische of Bretonse heiligen, maar er zijn uitzonderingen zoals deze kerk. Deze is namelijk gewijd aan de Romeinse martelaar Chrysanthus uit de 3e eeuw n. Chr..

Chapelle St Chrysanthe à Primelin

Chapelle St Chrysanthe à Primelin door Naden

De kerk is een klein rechthoekig gebouw met een ronde koorafsluiting en een kleine koepelvormige klokkentoren, gebouwd rond een bron met een houten standbeeld van Sint Chrysantus. De kerk werd herbouwd in de 19e eeuw, zoals blijkt uit het opschrift “J. C. Gueguen. Rr. Mr. Dagor Mayor 1856….”, en gerestaureerd in 1958.

In de kerk staat een oud standbeeld van Sint Chrysante.

De pardon wordt jaarlijks gehouden op de zondag na Hemelvaart.

De legende van Chrysanthus en Daria
Chrysantus is de enige zoon van Polonius (Polomius, Poleon, Polimius, Polemon), een Romeinse senator uit Alexandrië. Chrysanthus kwam met zijn vader naar Rome, waar hij ging studeren. Hier bekeerde hij zich na het lezen van de Handelingen van de apostelen tot het christelijk geloof.
Zijn ouders lieten hem na deze bekering gevangen nemen. Vervolgens werd hij aan de verleiding van vijf jonge meisjes bloot gesteld. Zonder succes. Want Chrysanthus bad tot God om hem te laten slapen, zodra de meisjes binnenkwamen.
Zijn vader, met deze mislukking geconfronteerd, stuurde Chrysanthus vervolgens naar de priesteres Daria zodat zij hem van het christelijk geloof kon afbrengen. Hij bekeerde haar echter, waarna zij een schijnhuwelijk aangingen en samen begonnen te prediken.
Daarop werd Chrysanthus door de tribuun Claudius gevangen genomen en gemarteld. Maar het geloof en de kracht van Chrysanthus was zo indrukwekkend dat Claudius, met zijn vrouw en kinderen, plus nog eens 70 soldaten tot het christelijk geloof overgingen. Hierop greep keizer Numerianus in en liet Claudius verdrinken, de zoons onthoofden en de vrouw ophangen.
Chrysanthus en Daria werden vervolgens samen in een steengroeve gegooid en levend begraven. Zij stierven op 25 oktober, hun naamdag. Zij werden in de catacomben begraven. Sainte-Chrysante of Sint Chrysanthus is ook bij ons geen onbekende. Er is een Chrysanthus en Daria kerk in Münstereifel en in Mönchengladbach bewaart men een relikwie van Sint Chrysanthus.

Plogloff

Chapelle Notre-Dame-de-Bon-Voyage

Ten zuidenoosten van Plogoff vinden we een aantal megalieten en een klein kerkje, Chapelle Notre-Dame-de-Bon-Voyage. Neem de afslag op de D784 naar Kervenvraz (Ker = dorp + Ven = steen + Vraz = groot: het dorp van de grote steen) voor de menhirs van Ar Peulven. Daarna vervolg je de weg e n bij de Rue de Kourlis rechtsaf. Deze weg volgen tot je, met een grote bocht, bij de Chapelle Notre-Dame-de-Bon-Voyage komt. Vandaar kun je te voet verder richting zee Cairns de Voguer Men en de Tumulus de Liors Catren. Een wandeling van naar schatting in totaal 2 km.

  • Menhirs de Ar Peulven: twee menhirs, die staan op het perceel met de naam Ar Peulven (het enige perceel in de gemeente met deze toponiem). De ene is 1,70 m hoog, bevindt zich bij de ingang van een boerderij en is het sluitstuk van een stenen muur. De andere staat in het veld, dicht bij hetzelfde muurtje. De is 1 m hoog.
    Let ook op de naam van het dorp: Ker (dorp) Ven (steen) Vraz (groot): het dorp van de grote steen.
  • Chapelle Notre-Dame-de-Bon-Voyage: deze kerk ligt op een heuvel met uitzicht op de Anse de Loc’h (de baai van Loc’h). Zij werd tussen 1702 en 1703 gebouwd ter nagedachtenis aan een schipbreuk die in 1618 plaatsvond.
  • Cairns de Voguer Men: het wandelpad gaat er precies overheen, maar verder is het zoeken, want er is misschien niets te zien vanwege de gaspeldoorn en varens.
  • Tumulus de Liors Catren: van deze grafheuvel, met een nog duidelijk zichtbare dolmenkamer, is alleen een grote plaat overgebleven.

Lescoff

Een paar bezienswaardigheden in Lescoff zijn:

Pointe du Raz

In Bestrée is een informatiecentrum, het Maison de la Pointe du Raz et du Cap Sizun. Pointe De Raz, Er is een parkeerplaats, waar je gratis kunt parkeren van november tot en met maart. Vanaf april tot en met oktober betaal je € 8 per auto.  Dat is dan inclusief de toegang tot het gebied, het informatiecentrum Maison de Site en de toiletten. Vanaf het Maison de Site kun je een rondwandeling maken naar Pointe du Raz.
Het Maison de Site is tussen 2 april en 7 juli dagelijks geopend tussen 10:30 en 18:00u. Meer openingstijden zijn te vinden op de website van Pointe du Raz.

Notre-Dame des Naufragés - Pointe du Raz

Notre-Dame des Naufragés – Pointe du Raz door Elleka

In ieder geval kom je langs een modern Keltisch kruis uit 2000 van de kunstenaar Gildas Castrec en de Notre-Dame des Naufragés, Onze-Lieve-Vrouw van de Schipbreukelingen. Notre-Dame des Naufragés is een marmeren beeld uit 1904 van de Poolse kunstenaar Cyprian Godebski. Deze had het beeld gemaakt ter nagedachtenis aan zijn zoon, die in Tonkin gestorven was. Nadat de bisschop van Quimper een beeld voor deze plek zocht, bood de kunstenaar dit beeld aan en werd het een monument voor de schipbreukelingen. Elke jaar wordt hier een pardon gehouden op de laatste zondag van augustus.